formats

Challenge Roth – the moment of truth

Published on August 2, 2016 by

Erg vreemd of vervreemd loop ik rond in de wisselzone. Met 8 clubgenoten staan we aan de start maar ik vind niemand. Ik maak ondertussen een Portugese vriend die naast me staat met zijn fiets en me vraagt hoe hij zijn helm, bril, truitje, … en zo verder moet hangen. Hij toont me de 94 mogelijkheden maar hier heb ik echt geen zin in. Ik vraag hem om van plaats te wisselen want zoals hij het voorstelt, kost het me erg veel moeite om zijn warboel niet van zijn fiets te stoten. Hij bedankt hiervoor vriendelijk maar ik wens hem veel succes en laat hem in zijn verdere denkproces. Uiteindelijk loop ik toch enkele SP&O’rs tegen het lijf en wens ze allemaal veel succes. “Genieten jongens, vergeet vooral niet te genieten van je race!” Ik sta zelf te daveren op mijn benen maar probeer dat even te vergeten door de ‘rookies’ te coachen. Ik weet niet wat ik moet verwachten. Ik ben in goede vorm maar voelde me gisteren nog slapjes. Die twijfel hou ik voor mezelf.

Het startschot gaat en ik vertrek precies als een stier met een rode lap voor zijn ogen. Ik geniet niet maar vecht een robbertje uit met enkele andere atleten. Het water moet zo’n 100m breed zijn maar toch liggen ze graag boven op mij. Ik weet niet wat hun echte bedoelingen zijn maar na enkele schopjes en wat elleboogjes, slaag ik er in om wat te versnellen en uit de mensenzee los te komen. Ik kom stilaan in mijn ritme maar die eerste 500m heeft krachten gekost die ik liever in de laatste loopkilometers nog over had gehad. Na het keerpunt zet ik me zo snel mogelijk rechts. In de wandelgangen had ik opgevangen dat de stroming tegen de zijkant meer in het voordeel zou staan. Ik vind zelfs een lijn getekend op de bodem op 1m van de kant en kom nu echt op cruisesnelheid. Het zwemmen loopt vlotjes. Ik geniet nu wel en ontdek dat de luchtballonnen opgestegen zijn, dat de volgende wave voor heel wat extra deining in het water zorgt, dat een uitzinnige menigte boven op de brug staat en dat de vechtersbazen van bij de start nu in mijn voeten liggen. Mijn pret kan niet op. De laatste honderden meters voel ik me plots harken. Zwemtechnisch loopt het niet vlot en ik lig opnieuw met dezelfde mensen te wringen. Dit kost opnieuw krachten die ik hier niet wil verspelen. Na een dik uur zet ik voet aan wal. Niet slecht maar ook niet echt goed. Mijn race kan nu pas echt beginnen!

Ik ontmoet opnieuw mijn Portugese vriend. Hij is in gevecht met zijn truitje, helm, bril, … en alles valt op de grond zoals ik hem gezegd had. Nadat hij zijn eerste arm in een mouw wist te steken ben ik reeds ribbedebie! Mijn vurigste fans (Balte, Ben, Kevin en Tim) staan in de eerste bocht. Ik zwaai even en voor het eerst verschijnt er een glimlach op mijn gezicht. Zeker als een beetje verder mijn hevigste fans (Diede en mijn ega) staan te roepen. Ik voel me in mijn sas. De eerste kilometers word ik voorbij gevlogen door meerdere atleten. Ze vinden het ook nodig om dat wiel in wiel te doen. Hier doe ik niet aan mee en laat me rustig in mijn ritme komen. Het is niet hier dat je tijd wint maar later wel zal verliezen. Ik krijg gelijk want na 30km zie ik ongeveer 7 atleten hun straf uitzitten in de voorziene tent. Ik glimlach opnieuw want weet dat na hun tijdstraf van 4′ ze ook nog een km extra mogen lopen.

Het is tijd om aan te zetten. De benen vinden dat niet. Ik blijf zo’n 10watt onder de voorziene wattages maar de benen voelen alsof ik maximaal fiets. Dit is niet ok. Bij de eerst helling word ik opnieuw voorbij gereden door de atleten die ik net passeerde. Mijn volgende gelleke kauw ik naar binnen. Ik denk “nu al?”. Ik voel geen power en moet op elke hellende strook veel te veel terug schakelen. We zijn pas 20km ver? Mijn maag doet pijn en het voelt alsof ik mijn volgende banaan en gel met verpakking naar binnen slik. Nog steeds geen energie. Ik geef een eerste keer over. Dit betekent nog minder energie. Ik word nog steeds voorbij gereden door veel atleten. Dit is niet meer normaal. Ik trap amper 200watt. Dat is zo’n 30 – 40watt minder dan wat ik op training vlot en uren rond duwde. Het lijkt wel alsof er iemand aan mijn zadel hangt. Ik maak me zorgen. Solarberg opklauteren en genieten. Ik glimlach opnieuw. De uitzinnige massa doet je letterlijk en figuurlijk in een tunnel verdwijnen. Eens boven voel ik dat mijn velg de grond raakt. Lek achteraan, dat verklaart al iets! Ik begin aan de herstelling maar het voorziene schuim heeft nog te weinig druk om door het ventiel te stromen. Dan maar wat lucht bijvoegen en hopen dat het houdt. Ik krijg ondertussen een drinkbus naar mijn hoofd geslingerd. De man in kwestie komt zich na de race excuseren. Grappig want ik wist eigenlijk tijdens de race niet eens wie het was. Ik start terug met fietsen op een half lekke band. 100m verder staat een EHBO-post. Ik heb ondertussen reeds een uur barstende hoofdpijn. Ik krijg geen medicijnen want die mogen enkel door artsen worden gegeven. Dan maar weer verder. Weer 100m verder is een bikeshop. De mensen fiksen mijn tube en ik kan weer verder. De glimlach is weer ver te zoeken. Ik verdwijn verder in mijn negatieve spiraal.

Na 90km kom ik opnieuw mijn vurigste fans tegen. Ik zie het niet meer zitten maar voel me niet ziek genoeg om op te geven. Ik weet van 2014 wat dat pas echt met je mentale toestand als atleet doet. Ze overtuigen me om door te zetten. Ik zie de ontgoocheling op het gezicht van mijn zoon. Zijn gezicht zegt: “toch weer niet opnieuw zoals in 2014?” Ik besluit om puur op uithoudingstempo verder te rijden. Ik haal amper nog 180watt en krijg amper nog iets binnen, geef nog 3x over en maak nog enkele bezoekjes aan de aanwezige Toi Toi’s om mijn darmen de vrij loop te laten. Eindelijk een arts die net aan het inpakken is na een ernstig ongeval. Ik krijg, na een kleine discussie in mijn beste Duits, twee Ibobrufen’s en voel me na een kwartiertje iets beter. Ik rijd opnieuw lek. Ik heb ondertussen dus al zo’n 8x voet aan grond gezet. Het negatieve proces herhaalt zich keer op keer en ik blijk ook steeds minder lucht binnen te krijgen. Dit is niet het fietsnummer waarop ik had gehoopt.

Ik had met mijn ega afgesproken op km 4. Om haar niet ongeruster te maken, ik zat reeds een uur boven mijn normale tijden, besluit ik om toch zeker tot daar te lopen. De dame die me assisteert in de wisselzone haalt alles uit de kast om me zo snel en zo goed mogelijk te helpen. Ik stel haar gerust. Ik heb zeeën van tijd en ben alles behalve gehaast! De eerste kilometers lopen vlot. Ik ben verbaasd dat het zo soepel loopt. Na een tweetal kilometer kruis ik Frodeno. Ik was echter geen concurrentie voor hem vandaag. Hij zit op 4 km van de eindstreep en het lijkt alsof hij in zijn eerste kilometer van zijn zondag loopje zit. Niets aftekening op het gezicht, geen spatje verval, hij lijkt amper te ademen? Tja, het lijkt niet eerlijk verdeeld vandaag!

Ik houd halt bij mijn twee hevigste supporters. Beiden kijken me bezorgd aan. Van zodra ik stil sta voel ik me wel ok. Na een tiental minuten gezaag van mijn kant, overleg en flauwe grapjes, besluit ik dan toch maar aan te zetten voor de 18km. Ik loop weer vlot en haal Steven B bij. Ik zie dat hij aan het worstelen is. Ik tracht hem te coachen en verwacht van hem dat hij niet wandelt. Na 12km de volgende Toi Toi bezocht. Doet deugd op zo’n moment! Ik wandel buiten en Steven komt aangelopen. We steunen elkaar in deze moeilijke momenten. Toch moet ik hem na enkele km weer laten gaan. Ik ben leeg. Ik krijg amper lucht en loop nog zo’n 9km/u. De wandelpartijen tussenin worden steeds langer. Mijn vurigste supporters doen alsof ik de race van mijn leven aan het lopen ben. Ik moet er eigenlijk om glimlachen en houd iets verder opnieuw halt bij mijn ega. Mijn dochter is zichtbaar ontgoocheld. Ze kapt water over mijn hoofd zoals afgesproken en overhandigt me de resterende gellekes. Bij het aanzicht van de verpakking alleen al moet ik kokhalzen. Opnieuw overleg, opnieuw alles afwegen en opnieuw vertrek ik voor het volgende deel. Ik ben nog steeds lucide in het hoofd en dat doet mijn madam besluiten dat het misschien wel ok is om door te zetten.

Mijn middenrif zit volledig geblokkeerd. Ik krijg geen lucht. Loop een 100-tal meter aan 7km/u en moet dan noodgedwongen stappen. Zo gaat het door tot km 38. Ik zal en moet de finish halen. Op mijn hart na, laten het zowat alle lichaamsfuncties het stilaan afweten. Ik lijk wel de kerncentrale van Tihange. Een eerste alarm was de vermoeide armen, vervolgens de maag, dan weer diarree, dan hoofdpijn, dan het middenrif, hyperventilatie, … All systems shut down! Hoe minder lichaamsfuncties het nog deden, hoe sterker de wil werd om die finish te halen.

Op km 38 komt mijn maatje Ronny aangelopen. Hij moet constant inhouden en kan best veel beter dan mijn tempo maar wil me helpen de finish te halen. Eeuwig dank Ronny! De mensen in het centrum van Roth zijn al lang naar huis. De enkelingen zijn dolenthousiast om ons te zien. Ze supporteren alsof we een wereldrecord aan het vestigen zijn. Ik kijk Ronny aan en samen slikken we de eerste waterlanders weg. De laatste 150m tracht ik te lopen, hand in hand met Ronny en mijn dochtertje. Ik haal de finish, de T-shirt, mijn medaille, het bierglas, de oorkonde en laat de tranen lopen. Dit zal een tijd nazinderen!

 
 Share on Facebook Share on Twitter Share on Reddit Share on LinkedIn
Comments Off on Challenge Roth – the moment of truth  comments 
formats

Challenge Roth – the after party

Published on August 2, 2016 by

Ik ben ontzettend blij dat ik de finish haalde maar schaamde me terzelfder tijd. Ik heb mijn lichaam zwaar op de proef gesteld. Een lichaam dat zich niet in de toestand bevond om (goed) te presteren. Beschaamd ook omdat ik mezelf en supporters heb teleurgesteld. Mijn vrouw en kinderen in de eerste plaats. Zij stonden mee op om 3.30u en kampeerden letterlijk 6u lang op hetzelfde plekje in de brandende zon, ze stelden hun vakantie met enkele dagen uit en kregen een fysiek wrak mee, toen die vakantie dan werkelijk begon. Die impact zal ik niet snel vergeten en er volgde dan ook menig gesprek hierover tijdens de eerste dagen van het verlof. Als atleet ben je zo in jezelf gekeerd dat je vaak vergeet wat andere mensen moeten opofferen om ‘jouw uit de hand gelopen hobby’ mogelijk te maken. Ik ben me hier sinds enkele jaren wel degelijk van bewust.

Ronny begeleidt me richting ziekenboeg en verplicht me min of meer om aan de baxter te gaan hangen. Hoewel ik me terug ok voel, speel ik het spel mee en doe alsof ik aan het zwalpen ben. De arts legt me op een bed en roept er een arts of verpleger in opleiding bij. Hij mag zijn eerste sonde steken. Joepi, ik mag nog deelnemen aan een experiment ook. De assistent mist mijn ader. Ik heb verdomme aders van een centimeter breed die, doordat ik erg droog en mager sta, nog boven op mijn vel liggen. Je kan ze bijna vastpakken. De arts grijpt in maar ook dat is niet veel beter. Mijn arm zal nadien nog 14 dagen blauw zien en pijn doen! Ook de inhoud van de 2 baxters zal niet lang in mijn lichaam blijven. Ik ga zo ongeveer 10x plassen tussen mijn finish en de volgende ochtend.  Het lijkt wel of mijn water gebroken is!

De dagen erna is het niet veel beter. Ik sukkel met de gewone kwaaltjes zoals altijd na elke full distance maar vooral de eerste dagen slaag ik er niet in om de 100m en 20 trappen tussen het zwembad en mijn vakantiehuisje in één keer te overbruggen. Ik moet regelmatig halt houden en snak nog steeds naar adem. Mijn middenrif blijft geblokkeerd, ik zie regelmatig letterlijk sterretjes en krijg geen hap door mijn keel. Ik verlies zelfs nog gewicht in de dagen volgend op Roth. Lachen, niezen en hoesten, het doet allemaal verschrikkelijk pijn.

Maar laten we dit nu eens langs de positieve kant bekijken. Ik kreeg ongeveer 3.30u langer waar voor mijn geld dan Frodeno. Ik mocht onderweg langer genieten, genoot technische en medische assistentie. Het veel te dure inschrijvingsgeld heb ik deze keer en voor het eerst in mijn carrière dus toch een beetje gecompenseerd!
Ik heb echtig, plechtig, waar genoten van de steun van ploeggenoten en supporters. Edwin en Jurgen waren noch de vurigste, noch de hevigste maar wel de trouwste supporters!
Ik liep voor het eerst in Roth meer in de schaduw dan in de zon. Want later doorkomen heeft zo zijn voordelen en vooral ik deelde mijn wandeling met wel honderden andere wandelaars op weg naar de finish.
Ik weet nu wat me te doen staat in toekomst met mijn medische toestand want ging ondertussen langs bij sportarts en osteopaat om hun advies in te winnen. Ik zal sterk zijn in mijn volgende race! En wat Roth betreft, 2009 en 2011 waren Grand cru jaren. Misschien moet ik gewoon maar eens andere wijngaarden opzoeken!

 
 Share on Facebook Share on Twitter Share on Reddit Share on LinkedIn
Comments Off on Challenge Roth – the after party  comments 
formats

Countdown to Roth

Published on July 12, 2016 by

Nog vijf dagen te gaan en het is weer zo ver. Ik tel af. Ik heb het traditioneel deze periode erg lastig. De zin om te trainen is meer dan ooit terug, de conditie is prima, ik voel me frisser in mijn vel en bij elke versnelling moet ik me constant inhouden. Dat voelt goed maar rusten is het enige wat nu in deze laatste week nog iets oplevert. Voor de niet-atleten onder ons, betekent dit zo veel als “relatief” rusten. We behouden het aantal trainingen per week, maar verkorten zowel de duur van de training als de duur van de versnellingen. Op zich betekent dit dat je nog dagelijks traint maar het is, zeker in vergelijking met de 6 weken ervoor, telkens toch zo snel gedaan hé!

Ik ben erg blij dat ik mag, maar vooral kan starten in Roth. Het zag er in februari en maart echt wel erg precair uit. Het lichaam wilde niet maar vooral in je hoofd blijft dat stevig doorspelen. Ik zou kunnen zeggen dat ik gewoon blij ben dat ik gezond aan de start sta, maar de mensen die me een beetje kennen weten dat mijn ambitie, nu de conditie terug goed is, weer wat verder reikt. Het is moeilijk om voorspellingen te doen en daarom ga ik me daarvan onthouden.

De huidige conditie zegt me wel dat ik zo’n minuutje trager zal zwemmen dan normaal. Met mijn nieuwe wetsuit hoop ik dat minuutje weer te compenseren. De lactaattest fietsen bevestigde wat ik al voelde. Ik zit op het zelfde niveau als andere jaren. Toch heb ik heel wat minder volume getraind. Het is dus af te wachten of ik het ook tot de laatste kilometer aan mijn normale tempo trek. En wat het lopen betreft, ben ik wellicht het meest onzeker. De trainingen lopen wel zoals het hoort maar je bent in je marathon zo afhankelijk van het feit of je al dan niet fris van je fiets komt. Afwachten maar wat het zal geven.

Ik heb er alvast zin in. Een belangrijke, misschien wel de belangrijkste voorwaarde om een goede wedstrijd te doen. Mogen starten in zowat de mooiste race in de wereld moet je koesteren. Je wordt het wat gewoon als je al heel wat wedstrijden achter de kiezen hebt maar van zodra je in die andere races start weet je dit weer meer te appreciëren. Daarom kijk ik vooral uit naar dat “te gekke” publiek in Roth. Verder zal ik mijn race vooral indelen op basis van ervaring, talent en doorzetting. Hoeveel procent van elk, is op dit moment een grote vraag. I’m ready to rumble in Roth. I’m not the greatest but I will shure do my “stinkende” best!

 
 Share on Facebook Share on Twitter Share on Reddit Share on LinkedIn
Comments Off on Countdown to Roth  comments 
formats

Loopefficiëntie

Published on June 21, 2016 by

 Het begint stilaan te korten. Nog een viertal weken en de grootste en wellicht belangrijkste race van Europa gaat van start. Frodeno zou het wereldrecord van Raelert willen breken. Ik was er toen bij in 2011. Eerlijk gezegd was het vrij indrukwekkend. Ik kruiste Andreas Raelert op km 7 en hij was op km 18. Zijn passen straalden vertrouwen uit, onverstoord een haast perfecte tred, precies zwevend over de grindwegen. Zoals gezegd echt wel indrukwekkend. Hoewel mijn slechte timing om op dat moment al lopend mijn volle blaas te ledigen met camera’s in zijn zog, er ook wel iets mee te maken zal gehad hebben. Al bij al zie je aan een atleet wanneer hij een grootste prestatie aan het neerzetten is. De lichaamstaal van Raelert deed me, hoewel er ruimte genoeg was, een stap opzij zetten zodat hij vrije baan kreeg.

Nochtans is dat niet evident in het laatste gedeelte van een race.  Vermoeidheid treedt op, je vorm valt uit elkaar en je tempo vertraagt. Terwijl dat het efficiënt lopen bij de start van de marathon nochtans zonder moeite ging, kan het een paar kilometer verder, plots voelen alsof je amper de ene voet voor de andere krijgt gezet. Wanneer je loophouding begint in elkaar te zakken, zal de efficiëntie van de zuurstofopname van je werkende spieren bij een bepaald tempo, ook een duik nemen.

Bij een onderzoek bij een groep lopers, werd eerst hun quadriceps en hamstrings getest op uithoudingskracht. Vervolgens werden ze op een loopband onderworpen aan twee tests. Een eerste test liepen ze aan een vast tempo over een aantal kilometer. Bij een tweede test liepen ze in het midden van hun run gedurende 4 minuten op VO2max tempo. Niet verwonderlijk ging de loopeconomie veel sterker achteruit in de tweede run waar de hoge intensiteit was opgenomen, dan in de steady-staterun.

Mensen met een hogere uithoudingskracht in de spieren, behouden hun loopefficientie beter dan hun zwakkere tegenhangers. Als de loophouding correct is, is er minder compensatie van de loopmechanica. Minder compensatie betekent ook minder onnodige (bij)bewegingen. En indien je minder last hebt van zwakke spieren dan zullen de grotere spieren ook minder snel moe worden. Met andere woorden dit vertaalt zich in minder zuurstof dat door het lichaam vereist is voor het lopen aan een bepaald tempo. Dit wil zeggen, als je dan toch begint vermoeid te raken in het laatste deel van je race, hoe sterker de spieren zijn, hoe langer je zal kunnen blijven doorduwen. De sleutel is dus om vooral te voorkomen dat je vorm/houding verzwakt.

Krachttraining doen op zich is niet genoeg. Je zal je vooral moeten focussen om die spieren die het meeste werk doen zodat je, vooral in langere races, de verzwakking zolang mogelijk kan tegengaan. We zullen ons dus vooral moeten focussen op de gluteus, hamstrings, heupen en lage rug. Hierbij is specifieke krachttraining een must om de spieren die je in de krachthonk traint, te activeren. Wil je efficienter lopen, zal je dus de spieren in de juiste houding en vooral tijdens het lopen moeten trainen en in de race moeten behouden.

Kijk de video’s op Youtube van de snellere lopers (Alexander, Jacobs, Macca, …) er maar eens op na. Ze leggen allemaal de nadruk op het behoud van de juiste vorm tijdens het lopen. Ik weet wat me te doen staat in het laatste deel van mijn marathon. De voorbereidingsfase met bijhorende krachttraining en krachtuithouding is al achter de rug. Dat wereldrecord van 7:41:33 zal wellicht niet voor mij zijn.  Nu is het een kwestie van de focus op de juiste dingen te behouden!

 
 Share on Facebook Share on Twitter Share on Reddit Share on LinkedIn
Comments Off on Loopefficiëntie  comments 
formats

Meer van Meer!

Published on June 6, 2016 by

Hoe zal ik het zeggen. Tevredenheid overheerst maar anderzijds had ik er wel wat meer van verwacht. Vreemd ook dat een race steeds anders loopt dan de trainingen. Ik voelde me erg zwak in het zwemmen momenteel, waar ik vooral power en snelheid mis. Ik zwem, voor de opener van het seizoen, vreemd genoeg de pannen van het dak. Mijn nieuwe wetsuit moet echt wel sneller zijn want het gevoel zat niet ok. Constant het gevoel alsof ik aan het harken was. Vreemd maar dus tevreden over het eerste deel van de race.

Het fietsen liep op training prima. Wellicht heb ik wat weinig intensiteiten gedaan maar het liep dus wel. Bij het opspringen draaide het meteen lekker. Wind op kop een 7-tal atleten overreden maar dan stokte het. De motor draaide niet echt meer. Ik reed dezelfde snelheid wind af als wind op. Vreemd gevoel dat je de trappers niet meer rond krijgt. Twee man in het wiel profiteren lekker van mijn tempo. Ik mis de power om ze af te schudden. Het gevoel van “net niet” blijft overheersen tot het einde van de tweede ronde en dan slaat plots de turbo aan. Ik rij mijn derde ronde sneller dan mijn eerste twee. Het draait en ik voel power. Meer van dat graag!

Al van bij het afstappen sputtert de motor opnieuw. Ik voel me oververhit. Nochtans genoeg vocht opgenomen maar de warmte is ondertussen geland op mijn schouders. Ik haal amper 12,5km/u terwijl de ademhaling in overdrive is. Mijn hart reageert op dezelfde manier. Alle atleten die ik oprolde op de fiets, krijg ik reeds in de eerste kilometers over me heen. De sponsen en het water zullen me deugd doen. Ik raak terug wat gekoeld en slaag er in om het tempo op te trekken tot 13,3km/u. Nog niet wat het echt moet zijn. Maar na een kilometer of 6 slaat de motor dan toch terug aan. Ik loop bijna 15km/u en heb het gevoel dit tempo nog minstens een uur te kunnen volhouden.

Wat een vreemde wedstrijd zeg. Het lijkt wel of de turbo pas na lang aarzelen aanslaat en het gevoel was nooit echt super. Ik haal wel top 20 maar dat had zeker een top 15 kunnen zijn. Er is nog veel werk aan de winkel. Vooral veel meer snelheid en vooral veel meer dieper gaan op training. Na een erg miserabele winter dus van alles veel meer. Ik ben een stap vooruit maar de weg is nog lang richting Roth. Vooral van alles meer dus!
 

 
 Share on Facebook Share on Twitter Share on Reddit Share on LinkedIn
Comments Off on Meer van Meer!  comments 
© Copyright Bart Thijs 2012
credit